Skip to content

Klachtdelicten

Een uniek en ietwat vreemd soort strafbare feiten, zijn de zogenaamde klachtdelicten. Klachtdelicten zijn delicten die alleen vervolgd worden als daarom verzocht wordt in een zogenaamde ‘klacht’.

Waar de meeste strafzaken zelfs zonder aangifte vervolgd kunnen worden, is dat bij klachtdelicten niet het geval. Sterker nog, als er geen klacht is ingediend over een klachtmisdrijf, dan heeft het Openbaar Ministerie geen vervolgingsrecht. Voorbeelden van klachtdelicten zijn onder andere:

  • Belaging (ook wel stalking genoemd);
  • De meeste beledigingsdelicten;
  • Schending van het beroepsgeheim;

Klachtdelicten zijn dus delicten die enkel vervolgd worden als daarom specifiek verzocht is. 

Waarom is het een klachtdelict?

Klachtdelicten zijn dus delicten die enkel vervolgd worden als daarom specifiek verzocht is. Waarom is er dan onderscheid gemaakt in misdrijven waar het Openbaar Ministerie zonder specifiek verzoek daartoe mag vervolgen en misdrijven waarin het Openbaar Ministerie verzocht dient te worden om te vervolgen?

Het vereiste van een klacht tot vervolging strekt ertoe dat het persoonlijk belang van het slachtoffer om niet te worden geconfronteerd met eventuele negatieve gevolgen van strafvervolging, prevaleert boven het algemene belang van strafvervolging. Bijvoorbeeld in het geval van stalking kan de stalking nogal verergeren als de politie zich er ongevraagd mee gaat bemoeien. Een situatie betreffende een belediging kan behoorlijk uit de hand lopen als degene, die beledigd wordt, opgepakt en afgevoerd wordt naar het politiebureau.

Wie kunnen een klacht indienen?

Wie kunnen er dan een klacht indienen? Ten eerste natuurlijk degene tegen wie het feit is begaan. De beledigde, de gestalkte  of degene wiens geheimen worden geopenbaard kunnen een klacht indienen. Als de klachtgerechtigde  is overleden, dan kunnen zijn ouders, kinderen en overlevende echtgenoot een klacht indienen. Dit kan dan weer niet als degene die overleden is, dit niet gewild zou hebben.

Intrekken klacht

Een veelgemaakte fout onder mensen is dat, als ze eenmaal aangifte hebben gedaan, ze deze aangifte weer kunnen intrekken. Zeker in zaken waar sprake is van huiselijk geweld of van kleine delicten, krijgen wij vaak de vraag of het mogelijk is om de aangifte in te trekken. Dit is niet mogelijk. Als men eenmaal aangifte heeft gedaan, is het aan de politie en het Openbaar Ministerie om dit op te pakken.

Bij klachtdelicten is dit dus anders. Bij de klachtdelicten men de klacht binnen acht dagen na het indienen van de klacht weer intrekken. Op deze manier kan de klager alsnog vervolging voorkomen, indien hij spijt krijgt van de door hem gedane klacht.

Verwarring

Het indienen van een klacht gaat met enige regelmaat mis. Dikwijls maakt de politie geen verschil tussen een klachtdelict en een normaal delict en blijkt soms niet uit de aangifte dat de expliciete wens tot vervolging bestaat. Hierom heeft de Hoge Raad enige tijd geleden al bepaald dat het bestaan van een klacht ook kan worden aangenomen, indien op grond van het onderzoek op de terechtzitting is vastgesteld dat de klager ten tijde van het opmaken van de aangifte de bedoeling had dat een vervolging zou worden ingesteld. Dat dit echter vaak niet duidelijk is en soms nog misgaat, blijkt uit een recent arrest van de Hoge Raad, waarin een niet bevoegde persoon aangifte had gedaan van belediging.[1]

Conclusie

Klachtdelicten zijn een vreemde eend in het strafrecht, als men aangifte doet van een klachtdelict begrijpt de politie vaak het onderscheid tussen een klacht en een aangifte niet. Voor de feitelijke praktijk maakt het verschil niet zoveel uit. Degene die aangifte doet, heeft meestal de wens dat degene tegen wie aangifte wordt gedaan, vervolgd wordt. Toch gaat ook dit soms nog mis, met alle gevolgen van dien.

Indien u advies nodig hebt over een delict waarbij een klacht vereist is, schroom dan niet om contact met ons op te nemen. Michiel Schimmel behandelt al vele jaren strafzaken en kan u hiermee helpen.

[1] http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:HR:2016:1198